MIJN TOYOTA & IK

Toyota Celica 1.6 ST-i: een kind in de familie

Hugo Van Nuffel rijdt al 26 jaar met zijn Toyota Celica, goed voor 339.000 kilometer. Het betreft de vijfde generatie, in die tijd het futuristische model met de ronde, organische styling. We reden een eindje mee met wat hij zijn 'meesterwagen' noemt.

“Al die tijd had ik vrijwel geen problemen”, vertelt Van Nuffel, 70 jaar en gepensioneerd. “Ook de technische controle verloopt haast altijd vlekkeloos. Yves Meeusen heeft die auto altijd goed onderhouden. Ik kocht hem bij garage De Leeuw in Stabroek maar ben Yves gevolgd. Nu werkt hij bij garage Celis in Hoboken. Hij is een echte toptechnieker en won bij Toyota een resem awards. Ze staan op zijn bureau. Hij is ook een fervente Celica-fan. Dat is plezant.”

“Hij is zelf bezorgd als er iets aan de auto scheelt. In de winter trekken we vaak naar Spanje. Welnu, Yves heeft een klem geïnstalleerd zodat ik de batterij makkelijker kan loskoppelen. Hij kwam dat hier gewoon bij me thuis doen!”

“In mijn Celica hebben veel mensen gezeten die al gestorven zijn”, zegt Van Nuffel. “Mijn moeder, mijn schoonvader ... We hebben ze er allemaal mee naar het ziekenhuis gebracht. Zo krijgt de auto een verhaal en wordt het een kind van de familie. Ook dat is een reden om hem niet op de boot naar Afrika te zetten.”

Roadtrip
“Deze auto is van oktober 1990. Het allereerste model, met de 'tanden' vooraan. Daar moet je tegenwoordig flink naar zoeken. We hadden toen een bedrijfje in grafische vormgeving. Ik werkte thuis, mijn vrouw ging naar de klanten. Aanvankelijk durfde zij er niet mee te rijden. Toen maakte hij dus weinig kilometers. Toch ben ik vrij snel overgeschakeld op gas. Honderd kilometer rijden kost me minder dan vijf euro.”

In zijn bruine leren jekker met bijpassende schoenen en broek lijkt Van Nuffel vertrekkensklaar voor een roadtrip. “Sinds we met pensioen zijn, reizen we vaker”, vertelt hij. “Al een vijftal jaar rijden we ermee naar Zuid-Frankrijk. Dat zijn de mooiste reizen. Ook Duitsland bezoeken we geregeld. En we brengen veel weekends door aan de kust.”

Mijn Toyota

Mét dashcam
Rechts op het dashboard staat een schaap, aan de bestuurderskant ligt een vreemd doekje. “Tegen de weerspiegelingen van het dashboard in de voorruit, bij felle zon”, lacht hij. “Dat stoort me.” Een dashcam filmt elke beweging op de weg. “Zodat er geen discussie is bij een ongeval”, klinkt het. “Pas op, ik ben een rustige chauffeur. Toen ik pas mijn auto had, heb ik weleens 170 km per uur gereden. Om aan de kinderen te tonen dat het kón.”

“Mijn zonen rijden met een Mercedes en Volvo. Ze begrijpen niet dat ik blijf rijden met een auto zonder airbags of stuurbekrachtiging. Al heeft hij wél airco. Zij ruilen hun auto's elke vier jaar in. Niettemin valt het me op dat ze geregeld met problemen kampen, zoals kapotte boîtes.”

Spanning en avontuur
In de voorflank zijn er enkele kleine deukjes, maar al bij al staat de auto er fris bij. De jonge nummerplaat valt wel op. “Twee jaar geleden had ik een botsingske”, vertelt Van Nuffel. “Een voorligger remde plots voor een overstekende fietser. Dit is het einde, dacht ik, en ik leverde de plaat in. Maar dan stelde Yves voor om hem te herstellen. Hij kocht een andere Celica en verdeelde de onderdelen onder drie klanten. Daarna heb ik een nieuwe nummerplaat aangevraagd. Een oldtimerplaat neem ik niet. Met die gasinstallatie moet hij sowieso jaarlijks op controle.”

Waren er nog avonturen? “Jawel. Ergens halverwege de jaren 1990 werd hij gestolen, op de afgesloten parking van een hotel in Parijs. Al onze kleren zaten er nog in! We zijn toen met de trein teruggekeerd. Een maand later kreeg ik bericht dat hij terecht was. Ik had al een andere besteld, mét servo. Achteraf bleek dat hij al de eerste dag was teruggevonden. Ze hadden het serienummer in Japan opgevraagd, hoewel er publiciteit van mijn firma op de auto stond. Voor die dertig dagen stalling moest ik 250 euro betalen.”

Mijn Toyota

Rolls-Royce-geel
“Oorspronkelijk was hij rood”, laat Van Nuffel nog weten. “Maar dat begon mat te worden. Ik wilde graag geel, maar niet té. En in een boek over Rolls-Royce vonden we deze kleur. Ik had zelf kleurstalen en liet de kleur samenstellen. Dit is dus Rolls-Royce-geel. De kleinkinderen zijn gek op deze wagen. 'Bompa, maak hem eens wakker!', roepen ze. Dan moet ik de voorlichten openklappen.”

“Eigenlijk kwam ik bij Toyota terecht doordat het toen de dichtstbij gelegen garage was. In 1971 kochten we, pas getrouwd, een klein groengeel Corollaatje. Sindsdien hebben we altijd Toyota gereden. Met de tweede Corolla reden we naar zee met vier fietsen op het dak. We hebben er vier gehad, en één Starletje voor in 't stad. Met geen van die zes Toyota's heb ik echt problemen gehad.”

“Onze Corolla Wagon 2.0 Diesel (1998) is nu het werkpaard, om naar het containerpark te rijden bijvoorbeeld. Maar als ik straks nog naar Antwerpen wil, zal ik hem moeten omruilen, want hij mag de lage-emissiezone niet in. Wat het wordt, is nog een vraagteken. Wellicht een hybride. Ik heb wel schrik van de elektronica in nieuwe auto's. Als je een platte batterij hebt, is het al een heel gedoe.”

“Zeker is wel dat de Celica blijft zolang hij rijdt. Hij is me te dierbaar. Mijn vrouw neemt tegenwoordig overigens weer de andere, uit schrik voor een ongeval.”



Toyota

Heb je een bijzonder verhaal over jou en je Toyota?
GO!News hoort het graag: gonews@toyota.be

Cookiebeleid op www.toyota.be

Onze website maakt gebruik van cookies om u een optimale gebruikservaring te bieden. Als u hiermee akkoord gaat kunt u gewoon verder gaan. In ons cookiebeleid kunt u indien gewenst uw cookie-instellingen aanpassen.